TC130: De gestandaardiseerde drukkerij
VIGC woonde onlangs de TC130-meeting in Parijs bij: voor de niet-ingewijden, de TC130 is een verzameling technische specialisten uit alle hoeken van de wereld die zich focussen op normeringen in grafische productie. Hier wordt gediscussieerd over drukstandaardisatie, inkten, substraten, kleurmetingen…Onderwerpen genoeg, elke maand mag je een bijdrage verwachten van wat er zoal in de pijplijn zit.

Als eerste bijdrage focussen we op het thema ‘drukstandaardisatie’. Hoe is het daar mee gesteld? De introductie van de ‘best practices’ voor offset drukken in 2004 (ISO12647-2), kunnen we rustig als een mijlpaal beschouwen: er was nu een link tussen de digitale design-wereld en de analoge offset-drukpers. Het ‘Coated FOGRA39 (ISO 12647-2:2004)’ – kleurprofiel dat default in Adobe-software terug te vinden is, gebruikt de designer om printklare bestanden aan te maken, eventueel uitgebreid met bijhorende (gevalideerde) kleurproef. De offset (vellen) drukkerij kan de kleuren uit dergelijke print job nauwkeurig matchen, mits gebruik van een compatibele papiersoort & inktset en juist gecompenseerde drukplaat. Colormanagement en drukken sloten mooi bij mekaar aan, met als beste voorbeeld de IKEA-catalogus: deze werd wereldwijd gedrukt met dezelfde kleurinhoud.

We zijn intussen 20 jaar verder, over één zaak kunnen we het eens zijn: de nieuwe ideeën en updates in drukstandaardisatie hebben niet geleid tot een meer kwalitatieve link tussen de (digitale) designer en de drukkerij, een aantal tekortkomingen dienen benoemd te worden.
Traagheid
De update van de ISO12647-2 standaard in 2013 was bijzonder slecht voorbereid: na publicatie in 2013 duurde het nog meerdere jaren eer een kleurprofiel (PSO Coated v3, FOGRA51) beschikbaar was om de designer te ondersteunen. Bijkomend komen de kleurdefinities in het PSO Coated v3 – kleurprofiel niet overeen met de cijfers in de gepubliceerde ISO-standaard, hetgeen een zeer vreemd gegeven is. Waarom publiceer je een standaard om vervolgens andere waarden te gebruiken in de tools voor designers? Enfin, dat was allemaal niet goed voor het vertrouwen, dit maakt dat het oudere FOGRA39-kleurprofiel vandaag-de-dag meer toegepast wordt dan zijn opvolger.
Optische witmakers
In de update 2013 is gekozen om kleur te meten met een aanzienlijke dosis UV-licht. Onzichtbaar UV-licht triggert optische witmakers in papiercoatings, deze witmakers zetten UV-licht om in extra blauw licht: onder UV-licht krijgt je drukwerk een flashy look. Op zich niks verkeerd, alleen gaat de klant dit zelden zien. Door de opkomst van LED-binnenverlichting en dubbele, driedubbele beglazing is er geen UV-licht meer te bespeuren in onze gebouwen. Je komt bijgevolg terecht in een scenario zoals ‘de zaklamp op zonne-energie’: technisch knap, maar totaal overbodig. De enige plek waar kleur meten met een UV-component zinvol zou zijn, is bij drukwerk voor buiten. Maar laat dat nu net de toepassing zijn waar optische witmakers worden vermeden wegens te snel afgebroken door zonlicht (bevat UV!).


Globalisering
Daar waar de succesvolle ISO 12647-2:2004 – standaard met bijhorend kleurprofiel op wereldwijde appreciatie kon rekenen, is dit voor de PSO Coated v3-opvolger allerminst het geval. Noord-Amerika heeft deze kelk volledig aan zich voorbij laten gaan en ingezet op een alternatief: ISO 15339. Uitgangspunt is hier een proces-onafhankelijke link om de digitale designer met een drukpers te verbinden. Men gaat ervan uit dat de designer niet weet met welke druktechnologie (offset, flexo, inkjet…) zijn ontwerp zal worden gereproduceerd. In deze standaard vind je bijgevolg niks terug over hoe je een drukproces best organiseert, maar wel een werkwijze om digitale designer data gecontroleerd en voorspelbaar af te drukken. In een volgende serie wordt deze aanpak meer technisch uitgelegd, maar hierbij het basisconcept:
- Aan de digitale link (het kleurprofiel dat de designer toepast) is aan een voorwaarde gebonden: vaste percentage cyaan, magenta, geel dienen een vooraf gedefinieerde grijze kleur te vormen
- Deze grijze kleur wordt berekend aan de hand van de papierkleur en maximale samendruk (100% cyaan, magenta, geel)
- De drukpers dient zodanig ingesteld te worden dat je de berekende grijze kleur behaald
Indien dan, identiek als de standaard ISO12647-2 aanpak, productiepapier en inkten voldoende aansluiten bij deze van de digitale link, dan druk of print je voorspelbare kleuren.
Digitale Printers
Digitale printers worden vaak aangestuurd met dezelfde digitale kleurdata als offsetdrukkerijen. Offset-kleurdata op basis van ISO 12647-2:2004 (FOGRA39) of ISO 12647-2:2013 (FOGRA51) worden dan gecolormanaged tot kant-en-klare printerdata. Printerbouwers als Canon en Konica-Minolta simuleren FOGRA51 op hun digitale printers, Large format-drukkers standaardiseren op FOGRA39. Enige advies dat we hier kunnen geven, is te kijken naar de substraten waarop je drukt. Bevat dit geen optische witmakers (zoals bijvoorbeeld bij digitaal print op karton) dan veroorzaakt het blauwige referentiepapier van FOGRA51 een flinke kleurshift in je productieproces (kleuren worden warmer). Bij het meer neutrale FOGRA39-substraat zal deze kleurshift veel kleiner zijn.



Waar gaan we naar toe?
Europa heeft met lede ogen moeten toezien hoe de alternatieve US-aanpak (ondersteund met een stevige marketing) terrein wint ten opzichte van de historische ISO 12647-2 aanpak. Een eerste poging enkele jaren geleden om beide methodes in één ISO-norm te verenigen is op een sisser uitgelopen, er werd geen overeenstemming gevonden. Tijdens de Parijs-meeting werd een compromis voorgesteld: voor drukwerk op hoogwaardig gecoat papier wordt éénzelfde kleurprofiel ontwikkeld dat zowel voor de Europese als US-aanpak van toepassing is.