LabelExpo 2019 Brussel: niet alles goud wat er blinkt

VERPAKKINGSMEDIA – De 40e LabelExpo-Europe werd gedomineerd door convertingequipment; meer dan alle labelpersen tezamen. 50% meer convertingsystemen dan in 2017! Nu was de verhouding tussen labeldruk versus labelconverting 8:9. In 2017 was dat nog 4:3. Digitaaldruk steeg fractioneel. Het flexolabel- en offsetdrukaanbod handhaafde zich.
• Leestijd 6 minuten
Het digitaaldruk-MeToo voorbij


Van de 44 gedemonstreerde digitale labelpersen waren zes tonerprinters; de overigen inkjet. Het grote MeToo qua inkjetlabeldruk, zoals in 2017 was geluwd. Daadwerkelijk nieuw aangeboden inkjetpersen waren de Chinese HanGlobal Labstar 330, die was verkocht naar Thailand / de Indiase JETSCI’s ColorNovo waarop een bordje ‘Sold’, en de Japanse Shiki’s PJ-Series.


Tamelijk nieuw voor onze regio was ook het Amerikaanse Memjet-aanbod van insert-modules labeldrukpersen; via retrofit uit te rusten voor water gebaseerde pigmentinkjetprint. Lees verderop over Memjet & Colordyne. Dus uit Europa geen nieuwe aanbieders, maar vooral demonstraties van uitgerijpte inkjetpersen, geïntegreerd met flexo- en convertingunits. Nu live gedemonstreerd met rijkelijk beschikbare samples; allemaal royaler en overtuigender dan in 2017. Meer dan de helft van alle inkjetlabelpersen waren hybride uitgerust; sommigen extreem. Eigenlijk wordt geen enkele labeldrukpers alleen uitgerust om te drukken. Er zit altijd een stukje covertering op; tenminste stansen, randafstrippen en opwikkelen. Zodra dergelijke smalbaanpersen alleen voor op-de-rol geleverde flexibele verpakkingen gaan drukken, vervalt die convertingsnoodzaak.
MPS’ complex opgetuigde labeldrukpers


Voorbeeld van complex opgetuigde hybride labelpersen was: MPS’ 43cm brede EF Symjet, met in het hart van de lijn een exclusieve zevenkleuren Domino N617i inkjetpers (10cm breder dan voorganger N610i). Na de unwinder kwamen eerst 3 flexodruktorens met daarboven een Kurz Distorun hologrammodule voor drie ‘opplakkers’ naast elkaar. Dan de Domino N617i zevenkleuren inkjetpers, gevolgd door 2 flexodruktorens, waarboven een digital Kurz metallic koudfolie-unit om gepersonaliseerd afbeeldingen met optische effecten, per etiket aan te brengen; gevolgd door een smalbaan-laminering. Na dit alles volgden een semirotary- en een fullrotary stans, waarna tenslotte een slitter-unit, stripping-unit en opwikkelaar. Op de vraag welke klant zó’n complex opgetuigde labeldrukpers bestelde, was de reactie dat het om een machine ging, bestemd voor MPS’ demo/trainingscenter in Nijmegen. Vergelijkbare presentaties deden zich vaker voor. Veel fabrikanten van labelpersen en convertinglijnen rustten hun machines graag uit met cold/hotfoil-applicators; gewoon om te laten zien wat allemaal kàn. Niet omdat het zó verkochte machines waren, want de bordjes ‘verkocht/sold’ bleven zeldzaam op deze LabelExpo. In deze beursversie was echt niet alles goud wat er blonk; een ervaring die breder ging dan het folieveredelen.
Hybride converting met zeefdruk en hybride labelpersen


Opvallend aan veel hybride samengestelde labelpersen èn convertinglijnen (op convertinglijnen zitten meestal een paar drukunits) was dat zeefdruk nog geregeld wordt toegepast; hetzij voor hoogdekkende onder/achtergronden, hetzij voor reliëfdruk, hetzij voor drukken van bijzondere inkten (thermografisch, inkt voor RFID-antennes, beveiliging etc.) of anders. Convertingspecialist ABGraphic demonstreerde solitair èn op drukpersenstands bijvoorbeeld haar Digicon Series 3, met daarop twee zeefdrukstations plus koudfolie en overige converting (verkocht aan het Italiaanse Etiadestiv als in kopfoto). Het Italiaanse Berra demonstreerde een complete labelzeefdruklijn met hotfoilstamping en eindconverting daaraan toegevoegd.


De gedachte ‘of het nóg hybrider kon’ bekroop bezoekers geregeld. Bijvoorbeeld op Océ’s 33 of 41cm brede LabelStream 4000 Series werden vóór en na de inkjetunit flexodruktorens toegevoegd. Verder ook koudfolie, inlijnstansen, randafstrippen en opwikkelen. De 4000 functioneert op een Edale FL3 flexo-onderframe dat met max 10 flexodrukunits plus converting kan worden bezet. Printresolutie is max 720x1080dpi via Xaar’s 2001 zogenoemde hybrid sideshooter-printkop met variabele puntgrootte door greyscale technologie. Printsnelheid 50 óf 70m/min / Ouputrange 990m²/ of 1722m²/u in CMYK Led-UV met optioneel wit. Maar het Italiaanse Omet spande de kroon met een 67cm brede achtkleuren X7-Xflex, óók weer met koudfolie; verder uitgerust met haar nieuwe diepdruktoren plus luchtdroger, gevolgd door rotatiestansen, stripping, slitting en opwikkeling. Bijzonder was vooral dat de inlijn-diepdruktoren met een watergebaseerde lak holografische patronen demonstreerde op een verpakking.
Op onze kritische vraag aan één van labelpersenbouwers ‘waarom toch steeds die neiging om hybride labelpersen zo complex op te tuigen, als kerstbomen? Dat effectueert toch slecht op de OEE-ratio en verhoogt inschiet. Zoiets staat toch haaks op het duurzaamheidsstreven?’ kwam als antwoord: ‘het zijn persuitvoeringen die over het algemeen grote/hoge oplages drukken. Dán loont het. Etikettenopdrachtgevers vragen dergelijke opties, om zo onderscheidend mogelijk te zijn op het betrekkelijk kleine etiketoppervlak’.
Kleine oplagen tóch inkjet-hybride


De attractie van digitale labelpersen is juist dat zo geëigend zijn voor kleine etikettenoplagen, mits niet volgehangen met allerlei convertingfeatures. Digitale aanbieders reageerden daar verschillend op. Bobst’s 37cm brede Master DM5 hybride inkjet/flexopers met coldfoil-converting geeft door z’n compacte bouw al de indruk dat de OEE-ratio en inschietreductie op deze pers een grote rol hebben gespeeld bij de ontwikkeling ervan. Mouvent’s LedUV-inkjet-unit op de Master DM5 print 1200x1200dpi tot max 100m/min. Bobst claimt dat ‘dankzij exclusieve digitale multiprocesautomatisering, deze Master DM5 de hoogste productiviteit in de labelindustrie levert’.
Epson’s SurePress L-6534VW LedUV-inkjet labelpers (rechts) koppelde aan een 330FB convertinghunit van het Deense Grafisk Maskin. Heel verstandig plaatste men daartussen -in de ‘omgekeerde U’- een zogenoemd buffer-festoon; dit om effectief en inschiet-vermijdend te blijven bij kleine storingen.
Ook hybride tonerprint-labelpersen voor kleine oplagen


Konica Minolta’s 32cm brede CMYK tonerprinter AccurioLabel-230 positioneert zich heel handig in het kleine oplagenbereik, daar waar de uitgebreide hybride inkjetlabelpersen niet effectief genoeg zijn. Blijkbaar apprecieert een groot marktsegment Konica Minolta’s AccurioLabel, want er zijn wereldwijd al 450 systemen geplaatst, waarvan 170 in Europa en vier in Nederland. Dit na lancering op drupa’16, toen de Benjamin-versie nog ‘C71cf’ heette. Tonerprintlabels zijn in de voedingsindustrie zeer geaccepteerd. Ook de grote Amerikaans labelpersenfabrikant Mark Andy Inc. reageerde voor het kleine oplagensegment met een OEM-versie van de AccurioLabel-230, de Digital-Pro3 à 325.000€. Een bewuste lancering naast Mark Andy’s grotere-, 33.6cm brede Digital-HD (inkjet) Series à max 73m/min.
Memjet’s ‘steen in de vijver’
Al sinds 2010 zindert Memjet’s inkjetprintequipment door de smalbaan- en labeldrukindustrie. Aanvankelijk niet echt serieus genomen, omdat inkten niet watervast op het printsubstraat zaten; ook omdat printkoppen erg slijtgevoelig waren. Was er vijf liter inkt doorheen gegaan, dan moest de printkop worden vervangen. LabelExpo’19 werd een samenballing getoond van de enorme progressie die Memjet heeft doorgemaakt. Wereldwijd zijn nu 13.000 systemen in gebruik voor labels, mailings en (met tot max 2.5m gestitchte printkoppen) ook in kartonverpakkingen. Sinds 2017 printen Memjet’s DuraLink-systemen watergebaseerde pigmentinkten van KAO-Collins, die wèl watervast zijn op labels en verpakkingen. In Memjet’s nieuwste Duraflex-systemen gaan de printkoppen met KAO-Collins’ inkten 120 liter lang mee. Memjet’s succes was op LabelExpo’19 present bij OEM’s voor labeldruk, zoals: Afinia Label, AstroNova, Colordyne, Gallus, Lemorau, MGI, MPS, New Solution, PCMC, Printing Innovation, Rigoli, Trojan en VIP Color.


Boven de 222.8mm brede Memjet-gebaseerde Colordyne CMYK insert-printenigine 3600 Series-AP, die bovenop iedere smalbaanpers kan worden geïntegreerd. Max resolutie 1600x1585dpi bij 75m/min output op papier- en met primer gecoate kunststof substraten. Kost US$ 315.000. Onder afgebeeld is Memjet’s eigen DuraFlex insert-printenigine; ook weer te integreren op smalbaanpersen. De A4-module print 222.8mm breed en de A3-module 324.4mm breed op max 1600x1600dpi tot max 46m/min. Eén DureFlex printkop print twee watergebaseerde pigmentkleuren.


Op de linker afbeelding plaatst men een 222.8mm brede Memjet-VersaPass vijfkleuren printkop (CMYKK) voor watergebaseerde dye-inkten à 1600x1600dpi met hoge slijtratio. Rechts de 324.4mm brede A3-DuraFlex printkop voor twee watergebaseerde pigmentinktkleuren. Memjet levert voor al haar printkoppen de benodigde inktcirculatie/toevoersystemen en de benodigde ‘stoel’ met aansturingscontacten. Memjet’s prijsbandbreedte voor apparatuur loopt van US$ 20.000 tot US$ 200.000. Prijsbandbreedte Memjet’s dye- en pigment inkten van
US$ ±160 tot US$ ±350/liter. Memjet’s en Colordyne’s printunit-systemen penetreren steeds verder in zowel de retrofit-markt als de OEM-markt. De komende drupa’20 zal daarvan blijk geven!
MGI’s digital embossing kan wel/niet


Victor Abergel, VP MGI wilde doen geloven dat MGI’s JetVarnish 3D-Web met iFoil iets miraculeus zou kunnen printen: metallicfoliedécor op een krimpsleeve-etiket rond flessen. Desgevraagd hoe Abergel dacht dat een koudfolievolvlak rond de hals van een fles zou gaan krimpen, beweerde hij dat MGI zoiets prima voor elkaar had en op de stand zou tonen. Overtuigd dat zoiets níet gaat, zochten en vonden we in MGI’s stand de enige fles met een krimpsleeve-etikettering. Om de kop van de hals zat een gebruikelijke aluminium wrap. Daaronder de krimpsleeve rond het bijna rechte flesgedeelte. Het grijze vlak rond de middenrozet bleek te bestaan uit slangenachtige reliëflijntjes en dunne kaders, waarop het metallic gehecht/gedrukt was. Eigenlijk allemaal losse elementjes omringd door foliewit en soms kleur. Anders gezegd: als het metallic vlak maar voldoende ‘versnipperd’ in het design zit, handhaaft het metallic zich daar wel op. Maar het oogde -in dit geval- als een grijs vlak en persé niet als een glossy metallic vlak, zoals Abergel nadrukkelijk had gesuggereerd.
Kopfoto: ABGraphic labelconvertinglijn, waarop twee zeefdrukstations, lamineer- en hotfoil-applicaties, stansen, rand-afstrippen en opwikkelen.
