Bijspijkeren met gratis software

Een van de nare gevolgen van de coronacrisis: professionals met minder of helemaal geen werk. Veel vormgevers, dtp’ers en prepressers grijpen deze periode aan om nog meer de verdieping te zoeken in software. Maar misschien is het goed om het blikveld juist te verbreden. Daar zijn erg veel uitstekende middelen voor. Het is nog gratis ook.

Goed nieuws voor gebruikers van Adobe Creative Cloud: ze mogen allemaal gratis naar Adobe Max. Het evenement (20-22 oktober) is geheel online te volgen. Voor wie er nog nooit geweest is: Adobe Max in de VS trekt jaarlijks zo’n tienduizend bezoekers, toegangskaarten zijn peperduur en tijdens het evenement wordt er een berg aan workshops, informatie over vernieuwingen en presentaties van beroemde mensen over u uitgestort. Het gaat om zoveel informatie dat VIGC jaarlijks het event After Adobe Max organiseert om de hoogtepunten van het programma samen te kunnen vatten. De toepassingen en vernieuwingen van Creative Cloud zijn uiteraard het hoofdonderwerp, maar er is ook aandacht voor gerelateerde thema’s als webontwerp, programmeren en creativiteit in het algemeen.

Reden 1: het is gratis en u bent platzak

Zoals zoveel evenementen is er van Adobe Max dit jaar alleen een virtuele versie. Misschien de beste voorbereiding voor een marathon achter het scherm: even geen Adobe. Er zijn namelijk talrijke (gratis) alternatieven. En al zijn ze misschien minder populair – en daar komen we zo op – toch zijn er genoeg redenen om u erin te verdiepen. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat u, als gevolg van de coronacrisis, niet achter het bureau op de zaak zit en geen toegang heeft tot Creative Cloud. De gratis proefperiode is zo voorbij en een abonnement is kostbaar. Natuurlijk is het mogelijk om via illegale weg de software alsnog aan de praat te krijgen, maar dat is een heleboel gedoe en bovenal: het is illegaal. Stef Verhoeven publiceerde eerder al een opsomming van interessante alternatieve programma’s in Eye Opener. In veel gevallen draaien die programma’s op zowel Windows, OSX als Linux.

Over Linux gesproken, mogelijk slingert er ergens bij u in huis nog een oude laptop of pc rond. Grote kans dat u er een Linux-besturingssysteem op kunt installeren, waardoor hij een tweede leven krijgt. Linux is gratis verkrijgbaar in verschillende “distributies”, zoals Ubuntu of Linux Mint. Installatie is kinderlijk eenvoudig, net als de bediening van het systeem en het installeren van programma’s.

Reden 2: leer iets nieuws

Het gebruik van alternatieve programma’s leert u om op een andere manier naar software te kijken en maakt u flexibeler bij het bedenken van oplossingen. Bovendien ziet u in sommige gevallen waar de software-giganten hun ideeën vandaan halen. Een voorbeeld van het laatste. Photoshop maakt sinds 2010 furore met de spectaculaire functie “vullen met behoud van inhoud” (content aware fill) en varianten daarop. Het kunnen verwijderen of verplaatsen van een lantaarnpaal in een foto, of het automatisch aanvullen van ontbrekende stukken (vooral handig bij samengestelde panorama’s) was voor velen een geschenk uit de hemel.

De functie is ook beschikbaar als de plugin Resynthesizer van het gratis open-source-fotobewerkingsprogramma GIMP. Sterker nog, deze plugin was er al in 2003, zeven jaar eerder dan de Photoshop-functie. Ene Dr Paul Harrison had de software ontwikkeld en daar verder weinig ruchtbaarheid aan gegeven.

Daar zit meteen ook de functie van open source en de kracht van Adobe als software-gigant. De vraag is immers: als er goede, gratis alternatieven zijn voor Photoshop, waarom gebruiken we dan nog Photoshop? Dat zit zo: waar de Resynthesizer-plugin voor de ontwikkelaars van GIMP werd gezien als gewoon weer een nieuwe functie, bracht de marketingafdeling van Adobe het, terecht, als absolute magie. Content aware fill werd voor het eerst gedemonstreerd in een zaal met duizenden, laaiend enthousiaste bezoekers van Adobe Max. De functie is sinds de introductie op allerlei manieren verfijnd, uitgebreid en gebruiksvriendelijker gemaakt en met elke vernieuwing werd actief de publiciteit gezocht.

Reden 3: stimuleer ontwikkeling

In zekere zin zijn open-source-projecten juist bedoeld om software-ontwikkelaars als Adobe op het juiste spoor te zetten. Gemeenschappen van programmeurs maken toepassingen die enerzijds nodig zijn, maar anderzijds niet door commerciële bedrijven (kunnen) worden ontwikkeld. Open source is niet sexy en de projectteams doen nauwelijks aan marketing, maar open source is iets om in de gaten te houden voor mensen die de ontwikkelingen op de voet willen volgen.

Er zijn behalve open-source-software meer gratis programma’s te vinden. Sommige commerciële programma’s zijn in een testversie met beperkte functionaliteit, gratis verkrijgbaar en de moeite waard om uit te proberen. Voor alle programma’s geldt dat u er in het begin even aan moet wennen. Functies lijken op een onlogische plaats te zitten, sommige handelingen moeten in meerdere stappen worden uitgevoerd. Dan is het goed om even terug te denken aan de eerste ervaringen met Photoshop. Ook daar lijkt het alsof de programmeurs een geheel eigen logica hanteerden. Er zijn niet voor niets zoveel tutorials gemaakt over Photoshop. Iemand heeft ooit bedacht dat je de functie “onscherp masker” moet gebruiken om te verscherpen. Deze term komt uit de klassieke reprografie: in combinatie met een masker dat uit focus werd belicht kon je randscherpte creëren. Het is dus niet zo onlogisch als op eerste gezicht lijkt. Hetzelfde geldt voor allerlei functies in andere, minder bekende, programma’s.

Reden 4: word onafhankelijk

Nog een laatste argument om in de alternatieve software te duiken. De marketingmachine van Adobe volgt de agenda van Adobe en niet die van de gebruiker. De afgelopen jaren maakte de software-gigant promotie voor Adobe XD, een Creative Cloud-toepassing voor UX-ontwerpers. Adobe wilde daarmee een stukje markt veroveren dat inmiddels door concurrenten werd ingenomen. Het concern besteedt ook veel aandacht aan de Experience Cloud. Deze marketingsoftware werd in korte tijd een van de belangrijkste pijlers van Adobe omdat hij voor een onstuimige omzetgroei zorgde. Het is daarom lastig te voorspellen hoeveel energie er in de toekomst wordt gestoken in een programma als InDesign.

Waar Adobe de komende tijd in ieder geval meer energie in gaat steken, is het verzamelen van gebruikersdata. De integratie met de “cloud” wordt steeds verder doorgevoerd. Dat maakt de integratie van toepassingen eenvoudiger, maar het biedt Adobe ook een gedetailleerde kijk op het gedrag – en daarmee de behoeftes – van zijn klanten. Dat geldt uiteraard ook voor sommige alternatieve programma’s, maar vaak hebben die nog een markt om te veroveren en is dataverzameling voor hen minder interessant. Bij open-source-toepassingen wordt de koers zelden bepaald door bedrijfspolitieke overwegingen of de behoefte om data te verzamelen.

Open-source-projecten zijn geneigd om zich aan erkende standaarden te houden. De ontwikkelaars hebben er belang bij dat anderen zich bij het project aansluiten. Standaarden maken dat een stuk eenvoudiger, evenals de uitwisselbaarheid met andere software. Voor commerciële software-bouwers geldt juist dat ze hun werkwijze tot een de facto standaard willen verheffen. Bestaande standaarden worden daarom met opzet tegengewerkt. Met name Microsoft slaagde hier buitengewoon goed in. Het docx-bestandsformaat van MS Word lijkt de standaard voor tekstverwerkers. De echte standaard – Open Document Format (ODF) – is met MS Word juist lastig te openen. Er zijn uitstekende en complete office-suites gratis beschikbaar, zoals Libre Office. Deze programma’s bewaren hun documenten standaard in ODF, maar dat is eenvoudig aan te passen via de instellingen.

Aan de slag

Het eerder genoemde artikel van Stef Verhoeven gaf een prima overzicht van alternatieve toepassingen, en GIMP en Libre Office zijn al genoemd. We noemen lichten enkele gratis toepassingen hier wat verder toe. Pagina’s opmaken kan prima met Scribus. De meestgebruikte functies van InDesign zijn in het programma allemaal terug te vinden. Scribus was naar eigen zeggen de eerste toepassing die PDF/X-3 ondersteunde. Het Scribus-bestandsformaat (extensie SLA) is gebaseerd op XML. Dat heeft voordelen, wat u pas ontdekt als u het bestand opent in een teksteditor (bijvoorbeeld het gratis Visual Code van Microsoft, maar ook Brackets is goed en gratis). Het ziet er uit als een soort HTML en na even studeren blijkt dat alle bestandsinformatie is terug te vinden in de coderingen. Stel er staat een frame met wisselende afbeeldingen op een vaste positie op een groot aantal pagina’s en u wilt ze allemaal 3 millimeter naar rechts verschuiven. In het XML-bestand kan dat met zoek en vervang. Op die manier kan elke parameter worden aangepast.

Hetzelfde geldt voor het uitstekende Illustrator-alternatief Inkscape. Dit vector-tekenprogramma werkt standaard met het SVG-formaat, wat ook weer is gebaseerd op XML. Even openen in een teksteditor en met een simpele handeling wordt een PMS-kleur overal in het bestand vervangen door een andere kleur. Inkscape is tegenwoordig ook op de Mac eenvoudig te installeren. Hier en daar is het nóg gebruiksonvriendelijker dan Illustrator, maar er zijn online genoeg tutorials te vinden. In InDesign en Illustrator is het ook mogelijk om bestanden in XML te bewerken, maar dat ligt minder voor de hand. De XML moet namelijk apart worden geëxporteerd. Bij InDesign is het bovendien veel minder overzichtelijk.

Het bewerken van bestanden in een teksteditor kan het layout- en bewerkingsproces voor- en achteraf enorm versnellen bij herhalende werkzaamheden. Het is zeer de moeite waard om de mogelijkheden van reguliere expressies (RegEx, regular expressions) te onderzoeken bij de zoek-vervang-functie. Daarmee kunt u namelijk zoeken op patronen. Maar voor dit artikel voeren deze mogelijkheden te ver.

Wat is er nog meer? Een alternatief voor Lightroom? Kijk eens naar RawTherapee of Darktable. Aan de slag met video? Dan is er een zee van mogelijkheden. Voor lichte gebruikers zijn er de open-source-toepassingen Shotcut en Kdenlive. Voor het zwaardere werk is er DaVinci Resolve van het commerciële bedrijf Blackmagic Design. De gratis versie heeft alles wat er nodig is om een fantastische video te maken voor Youtube. De betaalde versie heeft er nog een bak effecten bij en is geschikt voor een Hollywoodproductie. En als er nog tijd over is, ga dan 3D-animaties maken met Blender. Alleen al de opties om een logo te animeren zijn duizelingwekkend.

Ga voor resultaat

Aan de slag dus, er is een wereld te veroveren. Adobe heeft voor zijn software weliswaar veel meer tutorials online staan, maar er is echt genoeg te vinden voor de toepassingen die hier zijn genoemd. En van wat uitzoekwerk is nog nooit iemand slechter geworden.

Zoals gezegd: de open-source-software is meestal niet erg sexy. Mocht dat een drempel zijn, denk dan terug aan uw schooltijd, die keer dat u de aantrekkelijkste klasgeno(o)t(e) vroeg om te helpen met een werkstuk, in plaats van de slimste. Duik in de wereld van de gratis alternatieve (open source) software en zwijg erover tegen uw vrienden. Uiteindelijk telt alleen het resultaat.

Online zijn talloze video’s te vinden voor het werken met het vector-tekenprogramma Inkscape, een gratis alternatief voor Adobe Illustrator.
Met Blender worden professionele animaties en 3D-tekeningen gemaakt, van fantasy-films tot auto-ontwerpen.

Alex Kunst
Verknocht aan het grafische vak, dol op snelle machines en verslaafd aan automatisering en workflow – schrijven over alles wat met prepress, drukkerij en afwerking te maken heeft (en alles wat daarvoor en achter zit) is de favoriete tijdsbesteding van Alex Kunst.